Werkdruk, wachtlijsten en politieke veranderingen in de jeugd- en gezinshuiszorg

De verkiezingen zijn net achter de rug en de formatie is in volle gang. Naast dat er een nieuwe politieke wind gaat waaien, staan er ook al wat geplande veranderingen op de agenda voor 2026 in de jeugd- en gezinshuiszorg. De sector zit al jaren in de knel, met werkdrukproblematiek, lange wachtlijsten en misstanden die het nieuws domineren. Welke veranderingen kunnen we als sector verwachten en welke impact gaat dit hebben op gezinshuizen?

1. Wat verandert er qua wetgeving en regels?

Nieuwe wetgeving en het dilemma: Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg

Op 1 januari 2026 gaat de wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg in. Het doel van deze wet is om (hoog)specialistische jeugdzorg beter beschikbaar te maken, wachttijden te verminderen en een betere spreiding van zorg door het land te realiseren. Daarnaast komen er nieuwe verplichtingen voor jeugdzorgaanbieders bij. Zo moeten jeugdhulpaanbieders met verblijf of meer dan 25 jeugdhulpverleners in dienst vanaf 1 januari 2026 intern toezicht geregeld hebben. De tragische misstanden zoals die van het Vlaardingse pleegmeisje afgelopen jaar, moeten voorkomen worden door de druk op de Jeugdzorg te verlagen.

Regionale inkoop en samenwerking

De grote vraag: hoe wordt de zorg beter beschikbaar gemaakt binnen een sector die op het gebied van personeelstekorten, wachtlijsten en werkdruk al in brand staat? Een vermindering van administratieve lasten en een verbeterde regionale samenwerking staat in de plannen. Zo moeten gemeenten worden verplicht om regionaal samen te werken bij de inkoop van specialistische jeugdhulp. Maar ook het collectieve problematiseren van onze jeugd is een groot probleem. We zien de afgelopen jaren een enorme toestroom in jeugdhulp. Een op de zeven jongeren ontvangt in Nederland nu een vorm van jeugdhulp. Vaak gaat het om problemen die niet op zich staan maar te maken hebben met onrust in het hele systeem van de jeugdige.

Daarnaast stelt de wet eisen aan de financiële bedrijfsvoering van jeugdhulpaanbieders. Dit moet voorkomen dat financiële problemen van jeugdzorgaanbieders leiden tot uitval van zorg. Daarnaast worden de taken van de huidige Jeugdautoriteit wettelijk vastgelegd en onderdeel van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Als nieuwe taak krijgen zij het vroegtijdig signaleren van risico’s in de beschikbaarheid van specialistische jeugdzorg, op basis van beter vergelijkbare data. Zo kunnen gemeenten en aanbieders eerder maatregelen als dat nodig is.

Het grote probleem of dilemma die deze wet tot stand brengt? Het aanbod. In de Hervormingsagenda jeugd werd eerder al besloten dat de gesloten jeugdzorg, een vorm van zeer specialistische jeugdzorg, afgebouwd moet zijn in 2030. Het aantal gesloten plaatsingen? Nul. En hoewel dat een noodzakelijk streven is, is het vinden van een passend alternatief in de jeugdzorg met verblijf een uitdaging. Er zijn niet genoeg plekken beschikbaar, de financiering is niet toereikend en de specialisten die deze zorg moeten bieden zijn schaars. Het Nederlands Jeugdinstituut gaf eerder al aan dat er financiële problemen in de Jeugdzorg wat de continuïteit van de zorg beïnvloedt. In 2026 krijgen gemeenten te maken met grote financiële uitdagingen in het sociaal domein.

Standaardisatie gezinshuiszorg en wijziging rechtspositie gezinshuisouders en kinderen

Na jaren lobbyen en pleiten voor een gelijkwaardige positie van gezinshuiskinderen en gezinshuisouders in de Jeugdwet lijkt deze er in 2026 eindelijk te komen. Concreet houdt dit in dat gezinshuisouders, net als pleegouders, genoemd worden in de jeugdwet en een volwaardige positie krijgen. Het recht op familieleven, family life, een gezinshuis wordt erkend en daarmee kunnen de gezinshuisouders het blokkaderecht uitoefenen als er een beslissing genomen wordt door de voogd waar zij, in het belang van het kind, niet in mee willen/kunnen gaan. Verder wordt er in 2026 gewerkt aan de standaardisatie van gezinshuiszorg, wat meer duidelijkheid en wettelijke kaders moet geven over de grootte van een gezinshuis en een passend tariefmodel die landelijk gaat gelden.

2. Wat zijn de actuele ontwikkelingen in de gezinshuiszorg?

dorp van bovenaf straat met huizen

Het gezinshuis: Het kleinschalige, specialistische alternatief binnen de residentiële jeugdzorg

Bij gezinshuis.com werven, selecteren, faciliteren en begeleiden wij gezinshuisouders. Jeugdzorgprofessionals die 24/7 hun aandacht, expertise en huis beschikbaar stellen om te zorgen voor kwetsbare jeugdigen die niet thuis kunnen wonen. Anders dan in een bijvoorbeeld een pleeggezin, wonen in een gezinshuis jeugdigen die zelf te maken hebben met ‘complexere’ problematiek. Het gezinshuis kan samenwerken met een zorgaanbieder die verantwoordelijk is voor de zorginhoudelijke begeleiding en de plaatsing van de jeugdige. Anderzijds zijn er gezinshuizen die zelf meedoen in de gemeentelijke aanbesteding en de zorg zelf regelen. Dit noemen we rechtstreeks inkopende gezinshuizen.

Trend: Groei rechtstreeks inkopende gezinshuizen

De afgelopen jaren merken we in de gezinshuis sector dat er steeds meer gezinshuizen overstappen naar een zelfstandige constructie en de samenwerking met een zorgaanbieder stopzetten. Het ontbreken van transparantie over de opbouw van de dagvergoedingen en het afroompercentage van de zorgaanbieder wordt hier als voornaamste reden gegeven. De interesse om een gezinshuis te starten zien we ook landelijk dalen. Dit zijn belangrijke signalen om op te pakken aangezien gezinshuizen als een van de belangrijkste alternatieven worden gezien voor de gesloten residentiele jeugdzorg die in 2030 volledig afgebouwd moet zijn. Gezinshuis.com vraagt geregeld aandacht voor de tariefstructuren die per zorgaanbieder maar ook zeker per gemeenten grote verschillen laten zien. Gezinshuis.com hoopt dat de standaardisatie van gezinshuizen in de Hervormingsagenda gaat bijdragen aan uniforme tarief opbouw voor gezinshuizen door het hele land.

Aanbevelingen kwaliteit gezinshuizen door IGJ

In maart 2025 kwam de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) met een rapport over verbeterpunten van de kwaliteit in gezinshuizen. Belangrijke punten uit dit rapport waren de kwaliteitscriteria die gehanteerd moeten worden (aantal jeugdigen in een gezinshuis, geen onnodige vrijheidsbeperkende maatregelen en aandacht voor gezonde seksuele ontwikkeling).

3. Wat zijn de plannen van formerende politieke partijen D66 en CDA met de jeugdzorg?

Het ziet ernaar uit dat politieke partijen CDA en D66 een grote rol gaan spelen in de formatie en dus de landelijke politiek. We zetten hun plannen met betrekking tot de jeugd- en gezinshuiszorg? D66 wil nog meer verantwoordelijkheden decentraliseren onder een landelijke aanpak. Gemeenten en zorgregio’ s krijgen meer verantwoordelijkheid voor specialistische jeugdhulp. Preventie en integratie van domeinen als zorg, wonen en onderwijs moeten meer aandacht krijgen. Daarnaast wil de partij graag dat er meer focus komt op het systeem rondom het kind. Het CDA legt een sterke nadruk in haar plannen op lokaal bestuur, zeggenschap en daadkrachtige sturing vanuit gemeenten. Met deze partijen in een nieuwe regering kunnen we zeker verwachten dat de decentralisatie van jeugdhulp verder wordt doorgezet. Tegelijkertijd moet rekening gehouden worden met blijvende financiële druk: gemeenten krijgen grotere taken, maar ook grotere kosten. De sector moet voorbereiden op bestuurlijke en financiële veranderingen.

Voorbereiden gezinsgerichte zorg op de toekomst

Als sector moeten we ons de komende tijd voorbereiden op nog meer centrale en regionale inkoop. De standaardisatie van gezinshuiszorg kan ons helpen om gezinshuizen beter te definiëren en een eerlijk, breed uitgedragen tariefstructuur te hanteren. Het is hierbij wel van belang dat dit wettelijk geborgd wordt en dat dit landelijk gedragen wordt. Hier zullen wij als gezinshuis.com de komende tijd voor blijven inzetten. Daarnaast kijken we uit naar de aanpassing van de jeugdwet ten aanzien van de rechtspositie van gezinshuiskinderen en gezinshuisouders. Door hen expliciet toe te voegen en een rechtspositie te geven hebben zij en hun directe omgeving meer inspraak in hun eigen ontwikkeling eventuele juridische situaties.

We mogen vooral samen blijven werken als sector aan toekomstbestendige, lokale en gezinsgerichte zorg voor jeugdigen; zo dichtbij thuis als mogelijk.